Voortbestaan van vliegveld politiek hot item

De toekomst van Rotterdam Airport blijft een splijtzwam binnen de Rotterdamse politiek.

Jeroen Postma (toen nog GroenLinks) tijdens manifestatie 'Sluit Rotterdam The Hague Airport' 2019. Foto: BTV-Rotterdam.

Toch lijkt het scenario van sluiting na de recente verkiezingen serieuzer dan ooit, al is lang niet iedereen daarvan overtuigd.

Politieke landschap verschoven

Waar het idee om het vliegveld te sluiten in 2019 nog nauwelijks steun kreeg, is het politieke landschap inmiddels flink verschoven. Destijds opperde GroenLinks-raadslid Jeroen Postma al om het terrein te gebruiken voor woningbouw en groen. Nu, zeven jaar later, heeft bijna de helft van de gemeenteraad zich achter dat idee geschaard. Bovendien onderzoekt de provincie inmiddels de mogelijke gevolgen van een sluiting. Postma zelf staat inmiddels aan het hoofd van PRO, dat sinds de verkiezingen van 18 maart de grootste partij in de stad is en momenteel onderhandelt over een nieuwe coalitie.

De veranderende houding werd deze week opnieuw zichtbaar in het stadhuis. Aanleiding was eigenlijk het nieuwe luchthavenbesluit van het kabinet, waarin regels worden vastgelegd voor het gebruik van de luchthaven in de komende jaren. Minister Vincent Karremans presenteerde een voorstel dat onder meer inzet op minder overlast door beperkingen op vluchten in de vroege ochtend, late avond en nacht. Het maximum aantal vliegbewegingen wordt vastgesteld op 17.860 per jaar, iets boven het niveau van vorig jaar. In de toekomst kan dat aantal stijgen, mits vliegtuigen schoner en stiller worden.

Weinig enthousiasme

Het huidige college – nog zonder deelname van PRO – moet binnen een maand reageren. De verwachting is dat die reactie in grote lijnen positief zal zijn, al vindt het college de voorgestelde beperkingen niet ver genoeg gaan. Ook bestaat er weinig enthousiasme over een mogelijke groei van het aantal vluchten, omdat dit volgens het college alsnog tot extra overlast leidt.

Tijdens het debat met wethouder Pascal Lansink (VVD) verschoof de discussie echter al snel van regelgeving naar de fundamentele vraag: moet het vliegveld überhaupt blijven bestaan? Zo stelde Thom van Dam (ChristenUnie) dat het tijdperk van Rotterdam Airport ten einde loopt en pleitte hij, samen met onder meer Volt, SP en de Partij voor de Dieren, voor een verzoek aan het kabinet om sluiting.

De wethouder wees dat voorstel van de hand. Volgens hem is het luchthavenbesluit niet het juiste instrument om sluiting te regelen en bestaan daarvoor andere procedures. Daarnaast benadrukte hij dat uit enquêtes blijkt dat een meerderheid van de Rotterdammers – ruim 60 procent – het vliegveld wil behouden. Wat bij de enquête niet duidelijk wordt, is dat de overlast van het vliegveld zich tot ver buiten de gemeentegrenzen strekt en dat deze gehinderden niet aan de enquête mochten meedoen.

Steun voor RTHA neemt af

Toch lijkt dat maatschappelijke draagvlak zich niet één-op-één te vertalen naar de politiek, waar de steun voor het vliegveld afneemt. De blik richt zich daarom op de coalitieonderhandelingen tussen PRO, D66, VVD en Denk. Daar zal moeten blijken welke koers de stad op lange termijn wil varen.

De verschillen tussen deze partijen zijn aanzienlijk. PRO heeft duidelijk uitgesproken toe te werken naar sluiting. Ook D66 neigt inmiddels in die richting, al formuleert de partij dat minder stellig. VVD en Denk daarentegen willen het vliegveld behouden. VVD-raadslid Caroline Engels benadrukte dat een internationale stad een eigen luchthaven nodig heeft, terwijl Denk-vertegenwoordiger Serkan Soytekin het vliegveld zelfs omschreef als een bron van trots voor Rotterdam.

Met zulke uiteenlopende standpunten beloven de onderhandelingen over een coalitieakkoord allesbehalve eenvoudig te worden.

Bron: AD, 22 april 2026